Lente
- Verwijder vuil en bladeren van de vijverbodem met een fijnmazig schepnet.
- Test de waterwaarden met een vijvertestset.
- Installeer pomp en filter; maak deze eerst grondig schoon, vervang zonodig de filtermaterialen.
- Ververs 25% van het vijverwater door vers leidingwater.
- Plaats, indien gewenst, nieuwe planten in de vijver. Planten die binnen hebben overwinterd, kunnen nu bij/in de vijver teruggezet worden.
Zomer
- Vul de vijver bij als het niveau door verdamping te laag wordt.
- Verwijder eventuele draadalgen.
- Dun de drijfplanten uit als deze een te groot oppervlak beslaan.
Herfst
- Span een vijvernet over de vijver om vallende bladeren op te vangen en de vissen te beschermen tegen reigers. Ook met een kunststof reiger kun je de vissen beschermen. Deze functionele decoratie - verkrijgbaar bij de Praxis Megastores met Tuincentrum - schrikt soortgenoten af. Haal de bladeren, die ondanks het net in de vijver komen, uit de vijver.
- Verwijder een eventueel UV-filter, reinig het en berg het droog op. - Haal de vijverpomp uit de vijver en bewaar hem in een emmer met water op een vorstvrije plaats. Zo blijft de pomp lang goed.
Winter
- Zet niet-winterharde planten op een koele plek binnen.
- Zorg met een ijsvrijhouder of een beluchtingspomp dat de vijver nooit helemaal dichtvriest zodat vissen kunnen overleven. Een klassieke ijsvrijhouder is gebaseerd op piepschuim en behoedt een vijver voor dichtvriezen tot -6ÂșC. Een elektrische ijsvrijhouder werkt met verwarmingselementen en voorkomt dichtvriezen ook bij lagere temperaturen. Een beluchtingspomp moet je op ongeveer 30 cm boven de bodem plaatsen, zodat het water daaronder niet bevriest. Zet, als de vijver toch bevroren raakt, er een pan met heet water op.